0 actieve gebruikers

Inloggen bestaande gebruiker

Aanmelden nieuwe gebruiker

Naar mobiele versie


Antwoorden van 28-05-2026 (niveau 3F)



eerdere test 28 MEI geen latere test beschikbaar
(klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)


De deelnemers op niveau 3F hebben de test van 28-05-2026 zo ingevuld:



Op een landkaart is de afstand tussen twee steden 28 mm.
De schaal van de kaart is 1 : 15 miljoen.
Welke van onderstaande afstanden is de afstand tussen de twee steden?

5 % (afgerond)420.000 cm
14 % (afgerond)42 km
10 % (afgerond)4200 km
71 % (afgerond)420 miljoen mm 

De afstand is in werkelijkheid 15 miljoen x 28 mm.
Dat is 420 miljoen mm
Dat is 42.000.000 cm
Dat is 420.000 meter
Dat is 420 km

Het is gebruikelijker om zo'n grote afstand in kilometers uit te drukken. In dit geval zou dat 420 km zijn.

Zie ook de pagina Schaal.



Bereken en vereenvoudig je antwoord als dat kan.
2 x 2 =

2 % (afgerond)10
90 % (afgerond)7 
3 % (afgerond)14
6 % (afgerond)6

x =
De linker 8 boven de streep kun je wegstrepen tegen de rechter 8 onder de streep.
x 21 = 7

Zie ook de pagina Breuken vermenigvuldigen.





De tabel laat zien hoe in juni 2008 de verdeling van jongens en meisjes was in de groepen 1 t/m 8.
Alle leerlingen zijn elk jaar doorgestroomd naar de volgende groep en de leerlingen uit groep 8 gingen naar een andere school. Er kwamen elk jaar alleen nieuwe leerlingen in groep 1. Verder was er geen nieuwe instroom.
In juni 2011 telt de school precies 200 leerlingen. Op dat moment zitten totaal ........ leerlingen in de groepen 1 t/m 3.

55 %54 
45 %anders
In juni 2011 zijn alle groepen drie jaar opgeschoven. In groep 4 t/m 8 zitten dan de 146 leerlingen die in 2008 in groep 1 t/m 5 zaten.
De school telt in 2011 precies 200 leerlingen. In groep 1 t/m 3 zitten dan
200-146=54 leerlingen.

Zie ook de pagina Gemengde bewerkingen.





Een winkel laat zien hoeveel producten zonder plastic ze verkopen.
Dat doen ze met een bord met aangebrachte (eenzijdige) cijferplaatjes. Op elk cijferplaatje staat één cijfer.
Er hangen altijd vier cijfers naast elkaar. De cijferplaatjes worden uiteraard bewaard en zo veel mogelijk hergebruikt.

Als ze de getallen van 0001 tot en met 1500 willen kunnen tonen hebben ze minimaal ........ cijferplaatjes nodig.

17 %31 
83 %anders
(Een som van Carel Willem de Visser.)
Van bijna alle cijfers hebben ze drie plaatjes nodig (voor de getallen 0111, 0222, ...., 0999 en 1000), maar van de 1 nog één meer voor het getal 1111.
Dat maakt in totaal 10 x 3 + 1 = 31 cijferplaatjes.

Of:
Op de eerste positie kan 0 of 1 staan.
Op de 2e, 3e en 4e positie kan 0 t/m 9 staan. Denk bijvoorbeeld aan het getal 0999.
Dat zouden samen 32 cijferplaatjes zijn, maar de combinatie 0000 komt niet voor, zodat het met één nul minder kan.
32 - 1 = 31.

Zie ook de pagina Getallen.



TOTAALRESULTAAT:
58% goed

Uitleg van de kleuren en symbolen:
GOED GEKOZENhet juiste antwoord (door jou gekozen)
FOUT GEKOZENeen fout antwoord (door jou gekozen)






Beter Spellen Beter Rekenen NU Beter Engels NU Beter Duits NU Beter Frans NU Beter Spaans Beter Bijbel

© 2010 - Beter Rekenen is een initiatief van

Martin van Toll Producties