Kim knipt een stuk touw van 1 meter in 5 stukken, die niet allemaal dezelfde lengte hebben.
Het langste stuk is 10 centimeter korter dan de andere 4 stukken samen.
Het langste stuk is ........ centimeter.
(Een som van Jacques Schopman.)
De 5 stukken touw zijn samen 100 cm lang.
Het verschil tussen het langste stuk en de overige stukken samen is 10 cm.
Haal de 10 cm van de 100 cm af en deel de overgebleven 90 cm door 2.
Dan is het langste stuk 45 cm en de overige stukken samen 45 + 10 cm = 55 cm.
Of met formules:
Noem het langste stuk L en de overige stukken samen S.
L + S = 100, dus S = 100 - L
S - L = 10, dus S = 10 + L
Hieruit volgt:
100 - L = 10 + L
100 - 10 = L + L
90 = 2L
L = 45
Zie ook de pagina
Lengte.