Peter gaat bomen planten. Langs een pad van 25 meter lang plant hij elke vijf meter een appelboom. Hij begint op de hoek. Hij plant ........ bomen.
6 anders
(Een som van Sophia.) De afstand van 25 meter kun je verdelen in 5 stukken van 5 meter. Dat zijn de tussenruimtes tussen de bomen. Er komen niet 5, maar 6 bomen.