Verhoudingen:
2

: 3

is hetzelfde als 25 : ........




35 



anders
Je hoeft dit niet te behandelen als twee deelsommen, maar als twee verhoudingen.
In de eerste verhouding is het linker getal 2

en in de tweede verhouding is het linker getal 25.
25 is 10 x 2

.
Als je het rechter getal uit de eerste verhouding ook vermenigvuldigt met 10, is de verhouding weer in balans: 10 x 3

= 35.
Zie ook de pagina
Verhoudingen.
In een magazijn staan 25 artikelen op een rij.
De artikelen hebben allemaal een verschillend gewicht (in hele kilo's): artikel 1 weegt 1 kilo, artikel 2 weegt 2 kilo, enzovoort.
Jan moet de artikelen in dozen stoppen. De inhoud van de dozen mag niet boven de 25 kg komen. Jan bedenkt de beste combinaties, zodat hij zo weinig mogelijk dozen nodig heeft.
Jan heeft ........ dozen nodig.
(Vul een geheel getal in. Met de afmetingen van de artikelen hoef je geen rekening te houden.)




13 



anders
Het artikel van 25 kilo krijgt een doos voor zich alleen.
De twaalf combinaties 1 + 24 tot en met 12 + 13 kilo gaan elk in een doos. Zo zit in elke doos precies 25 kilo.
Dat zijn 1 + 12 = 13 dozen.
Efficiƫnter kan het niet, want in alle dozen zit precies de maximale 25 kilo.
Zie ook de pagina
Gemengde bewerkingen.